Verslag van de studiedag voor docenten van het project Mag wat kan? op 16 juni 2010, bezocht door Middelbare school docenten

Aanwezige docenten tijdens de studiedag voor docenten van het project ‘Mag wat kan? op 16 juni 2010:

“Kan het project niet worden uitgebreid tot een volledige module?�

Een maatschappelijk debat over nanotechnologie komt niet echt van de grond zonder een beetje basiskennis rond het onderwerp. En waar kun je die kennis nu beter vergaren dan op school? Precies daarom vroeg de Stichting voor Christelijke Filosofie de TU Delft om een lespakket te ontwerpen dat nanotechnologie en het debat eromheen inzichtelijker maakt. Met experimenten, en nadruk op de ethiek. Met succes, zo blijkt uit de docentendag over het pakket: ‘Kan het project niet worden uitgebreid tot een volledige module?’

Uit een buret druppelt langzaam ammonia in een bekerglas gevuld met een gelige ijzeroplossing. Na een paar minuten begint de eerste bruine neerslag zich te vormen, die langzaam overgaat tot een zwarte drab. Twee docenten algemene natuurwetenschappen (ANW) kijken geïntrigeerd naar het bekerglas. ‘Er is magnetiet gevormd,’vertelt de dienstdoende amanuensis,  ‘een stof die sterk reageert op magneten en, eenmaal gedroogd, rechtopstaande staafjes vormt als er een magneet in de buurt wordt gehouden.’ Bert van Dis, docent ANW van de Prins Maurits scholengemeenschap in Middelharnis reageert enthousiast: ‘Dit is een leuke, korte en succesvolle proef, die zeker aanslaat bij scholieren.’

Bovenstaand experiment is één van de drie proeven die onderdeel is van ‘Mag wat kan?’, een lespakket over nanotechnologie speciaal gemaakt voor ANW en NLT (natuur-leven-technologie) lessen op christelijke scholen. Vandaag krijgt een vijftigtal docenten van verschillende scholen uitleg over het pakket en mogen ze de inhoud uitproberen. Stefan Kowalczyk, promovendus bij de Delftse hoogleraar moleculaire biofysica Cees Dekker, trapt de dag af met uitleg over wat nanotechnologie inhoud, waar het onderzoek nu staat en waar hij zelf aan werkt. De docenten, allen bèta’s, lijken goed ingevoerd in het onderwerp en duiken gelijk de diepte in met ethische en veiligheidsvragen.

Daarvoor is echter later ruimte, eerst worden de docenten naar practicumlokalen geleid om experimenten uit het lespakket uit te voeren die duidelijk moeten maken wat nanotechnologie nu precies is. Naast het produceren van magnetiet mogen de docenten experimenteren met goudnanodeeltjes. Door met een laserstraal door twee verschillende oplossingen te schijnen wordt duidelijk hoe eenzelfde stof verschillende eigenschappen kan hebben op een nanoschaal: een colloidaal goudoplossing reflecteert de laser, terwijl goud in oplossing de straal doorlaat.

Nog weer een andere proef laat zien hoe de natuur nanotechnologie al eeuwen gebruikt: lotusbloemen bevatten een dunne laag waterafstotend materiaal waardoor water en vuiligheid niet op de bladeren blijft zitten. Onder het mom van ‘beter goed gejat dan slecht bedacht’ kopieert de mens zulke handige natuurlijke eigenschappen. Een spuitbus die op de practicumzaal staat met daarop de tekst ‘nanopro’, is zo’n product dat gebruikt maakt van nanotechnologie uit de natuur. De docenten spuiten het op verschillende textielsoorten en zien tot hun verbazing dat water en viezigheid er zonder problemen afrolt. ‘Kun je dit echt al kopen?’ vraagt een van de docenten. ‘En bevat het echt nanodeeltjes?’ vraagt een ander zich af. ‘Het is gewoon bij de schoenmaker om de hoek te krijgen,’ vertelt de amanuensis nuchter. Of het wel echt nanotechnologie is, durft ze echter niet te zeggen.

Kaartspel | Een belangrijk onderdeel van het negen lessen tellende pakket is het kaartspel ‘Decide’. Daarin komen de echte filosofische en ethische kwesties aan bod. Leerlingen moeten uit een set speelkaarten met mogelijkheden en dreigingen van nanotechnologie er een aantal kiezen waarvan zij denken dat ze de komende tijd relevant worden. Bovendien moeten ze zich vereenzelvigen met een personage op een verhaalkaart die bepaalde ethische standpunten in neemt. Vervolgens moet in groepjes aan de hand van alle verschillende meningen en verwachtingen, beleid worden gemaakt over nanotechnologie: wat zijn de rechten en plichten van de onderzoekers, producenten en de overheid? En waar ligt de verantwoordelijkheid van de gebruiker? Welke regels moet er worden opgesteld?

Dat betekent discussiëren over de verschillende ethische standpunten. Waar liggen de overeenkomsten en hoe komen we dichter tot elkaar? De docenten die het spel doen discussiëren levendig en diepgaand. Het gesprek waaiert uit van IVF tot genetische modificatie, onderwerpen waar soortgelijke ethische vraagstukken spelen. Uiteindelijk blijkt het moeilijker dan gedacht om een gezamenlijk visie en beleid op te stellen. ‘Fantastisch dit,’ zegt een van de deelnemers. ‘Leerlingen krijgen hiermee echt inzicht in hoe zo’n debat in de maatschappij plaatsvindt en wat er allemaal komt kijken bij besluitvorming. Ze vormen bovendien begrip voor elkaars mening.’

Twee scholieren uit Goes, die het lespakket al een paar weken hebben mogen testen zijn, net als de docenten, enthousiast. De proefjes zijn leuk, de ethische vraagstukken interessant, vertellen Marlinde Verton en Elsbeth Voordijk uit 5VWO. Ze vinden wel dat het nog wat dieper mag. ‘Vooral de inleiding is wat simpel, waardoor ik het idee had niet echt serieus genomen te worden,’ zegt Elsbeth. ‘De eindopdracht waar we een nanotechnologiescenario moesten schrijven voor de toekomst gaat dan weer wat ver, we weten nog te weinig om daar echt een geloofwaardig verhaal van te maken.’
Als alle docenten zijn uitgespeeld en -geëxperimenteerd mogen de ontwikkelaars de visie achter het lespakket uit de doeken doen. De nadruk ligt daarin vooral op hoe een christelijke filosofie het debat over nanotechnologie kan verrijken. De rol van deugden en plichten van alle actoren raakt in de discussie rond de toepassingen behoorlijk ondergesneeuwd, zo stellen de ontwikkelaars, terwijl die vanuit een religieus perspectief essentieel en belangrijk zijn. Dit lespakket is een handreiking om die aspecten meer ruimte te geven. De ontwikkelaars eindigen met een uiteenzetting van de uiteindelijke leerdoelen. Ondanks enkele kinderziektes in het proefpakket moeten die allemaal haalbaar zijn, zo horen we van Elsbeth en Marlinde.

Tijdens het avondeten vertelt Van Dis dat hij zeker gebruik gaat maken van het pakket. ‘De proeven zijn kort, maar werken goed en geven een leuk inzicht in de mogelijkheid van nanotechnologie,’ zegt hij. ‘Bovendien komt de ethiek goed aan bod, zonder dat het saai wordt. Hermen Veldhuisen van het Oranje Nassau College in Zoetermeer valt hem bij. ‘Wat mij betreft mogelijk ze hier wel een hele module van maken, bijvoorbeeld door ook excursie en gastcolleges in het programma in te bouwen. Het is goed een discussie over nanotechnologie te voeren in zo’n vroeg stadium.’

Verslag van de studiedag voor docenten van het project Mag wat Kan? op 16 juni 2010 door Hidde Boersma.

Reacties

Commenting is not available in this weblog entry.